|








|
De
Laro Internet trilogie.
Deel
4, waarin iemand beroemd blijkt.
Zoals
de mensen het weer hebben om een praatje
te beginnen, zo heeft Zwelgje - onze
Land Rover 101FC Ambulance - haar versnellingsbak.
Inmiddels vraagt men niet meer hoe het
met de versnellingsbak gaat, men vraagt
hoe het met welke versnellingsbak
gaat.
Ik heb het loeder met haar neusje een
tikje bergop geparkeerd. Het is 8 juni
2002. Ze is voor het eerst sinds ze
uit dienst is, weer officieel in functie.
Ze is mobiele EHBO post tijdens de Hoenderloo
Trophy. Trots toont ze haar fris gelakte
rode kruisen. Dat mag, want ze heeft
vandaag twee gediplomeerden met verbandtrommels
in haar laadbak. Het eerste ongeval
meldt zich pas tijdens de afsluitende
Barbeque, een knaapje dat een bloederig
stompje omhoog steekt. Hij heeft in
het verkeerde vlees gesneden. De gediplomeerden
zijn al naar huis. Bliksemsnel klap
ik de kruisen dicht. Want als er gewonden
zijn kun je niet snel genoeg reageren,
dat blijkt maar weer. Een uur later
gaan wij voldaan naar huis. Ik laat
Zwelgje achteruitrollen en start haar.
Honderd meter verderop blijken wij ons
verreden te hebben. Gelukkig helt het
ook daar en kan ik Zwelg over een keurig
gemaaid gazon naar boven rijden tot
bijna tegen het huis. De mensen komen
overeind omdat, uitgerekend op datzelfde
moment, het televisieprogramma hen niet
meer boeit. Waaruit maar weer eens blijkt
dat je met een beetje aanpassen ook
zonder achteruit in deze wereld nog
verrassend ver komt. Als die wereld
maar een beetje driedimensionaal is.
De achteruit ging verloren toen ik de
broeders demonstreerde hoe vaardig een
101 in hun terrein was. Ik liet Zwelg
een zanderige helling bestormen waar
ze zich een meter onder de top ingroef,
zette haar in de achteruit en liet haar
op haar tandjes terugrollen. "Kijk,
zo moet dat.", legde ik uit. "Als
je remt dan ga je glijden, dus daarom
moet je het in de versnelling doen.
Ik neem even een aanloopje en probeer
opnieuw. Even een beetje naar achteren
... naar achteren dus .... Als je het
niet haalt kun je natuurlijk ook om
de hindernis heen rijden Dat gaat zo."
Echt verbaasd was ik eigenlijk niet.
Dit was de tweede versnellingsbak, een
LT95 uit een 109 Stage 1 die ik zelf
heb omgebouwd tot een LT95 uit een 101.
Nou ja, zelf, ik had natuurlijk een
beetje hulp van Jeroen Smeenge, Marc
Rengers, Pim Kielen, Pierre Rikkers,
Jos van Laere, Andreas Pfau, Frits Malcorps,
Jan Baggerman (moreel), Martyn Bailey
(telefonisch) en vooral Hans van Hinte.
Plus vele anderen die de pech hadden
om op het verkeerde moment in de verkeerde
knutselgarage te zijn. Van deze laatsten
was Dirk het akeligst want die raapte
na afloop een stukje pakkingpapier van
de grond en vroeg: "Heb je die
pakking uit dit papier gesneden?"
Bleek ik pakkingpapier van 0,2 mm gebruikt
te hebben waar 0,25 had gemoeten. Zo'n
opmerking lach je weg, maar hij blijft
aan je tandwielen knagen. Toch geloof
ik niet dat Zwelg het kwaad bedoelt.
Ze vindt dat ik vooruit ga want ze laat
steeds meer versnellingen intact. Dit
laatste euvel moet ik zien als een aanmoediging
dat ik er bijna ben, denk ik.
Zoals Zwelgje een versnellingsbak heeft,
zo heeft de Info een redactie. Vroeger
keek ik daar erg tegen op. Dat is natuurlijk
nog wel zo, maar ik weet nu hoe ze werken.
Het lijkt een beetje op een paard in
de wei. Je stopt er aan de voorkant
stijlbloempjes in en je bent een reuze-optimist
als je denkt dat het er aan de achterkant
ook zo weer uit komt. Ook dat komt door
het internet. Dat heeft inmiddels een
zodanig sofisticatieniveau bereikt dat
het - geheel zelfstandig - cursiveringen
rechttrekt. De redacteuren gebruiken
het internet om elkaar stukjes toe te
spelen en eigenlijk zouden ze elkaar,
na het verzenden van een stukje, op
moeten bellen om het weer scheef te
trekken. Dat vergeten ze wel eens. Om
dat op te lossen gebruik ik het internet.
Zwelgje heeft nu een eigen site (www.paniek.org)
Voor de onverteerde verhalen.
"Jij
hebt geen fan.", beweert Margriet
terwijl ze in het het met zorg gebakken
ei met spek prikt. Ik weet wel beter.
"Bovendien was het een moeder met
kinderen op de achterbank. En haar man
zat er naast te sturen." Dat heb
ik allemaal niet gezien, ik zag alleen
maar die stralende mevrouw die in de
file voorbij schoof. Ze zat in een rood
autootje, iets laags, nog lager dan
een gewoon Land Rovertje. De gulle lach
van herkenning, een aarzelende zwaai
en toch, ik ken haar niet. We schuifelen
nog een paar maal langs elkaar en pas
op het moment dat de file oplost, heb
ik het door. Het zijn die foto's van
Pim, ze heeft me van de site herkend!
Zwelgje schreeuwt het uit: "vRoem,
vRoem..."
PaNiek
|
 |